Spelen
Azie pagina

Da Cau
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: behendigheidsspel. Benodigdheden:
bolletje met veertje.
Spelregels:
Twee of meer kinderen trappen het veertje naar elkaar over. Het
veertje mag de grond niet raken. Het veertje mag ook via de borstkas
of knie opgevangen worden en dan weer via de voet verder schieten.
Het wordt voornamelijk met de punt van de schoen gespeeld. Het is
ook alleen te spelen, door net als met een voetbal, de shuttle herhaaldelijk
omhoog te schieten en zelf weer op te vangen.
Cuop Co
Werelddeel: Azië Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
vlaggetje of doekje.
Spelregels:
Twee groepen kinderen spelen dit spel tegen elkaar. Een stuk plein
of veld wordt gebruikt als speelveld. Aan beide kanten van het speelveld
staat een groepje kinderen. De vlag wordt in het midden gelegd.
Bij een signaal gaat er van iedere groep een kind naar het midden
om daar tegen elkaar te spelen. Eén kind moet dan op een tactisch
uitgekozen moment de vlag pakken en deze proberen naar de overkant
te brengen. De andere moet het kind met de vlag dan proberen te
tikken. Tijdens het spel kunnen er ook steeds meer kinderen het
speelveld op en zorgen voor afleiding, zodat een ander kind uit
hun groep makkelijk de vlag kan pakken en kan wegrennen. De groep
die de vlag aan de andere kant van het speelveld weet te brengen
heeft gewonnen.
Chi chi chanh chanh
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: aftelspelletje. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Het spel wordt gespeeld met twee of meer kinderen. Eén kind houdt
de handpalm open naar boven en andere kinderen zeggen versje op
en tikken met de vingers op de handpalm. Aan het eind van het versje
moet het kind met de handpalm naar boven proberen een vinger of
hand te pakken. Het is dus de bedoeling om je hand/vinger zo snel
mogelijk weg te trekken.
Rong ran len may
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Groepje kinderen staat in een rij. Tegenover het voorste kind staat
een ander kind alleen. Het kind dat voor aan staat vraagt aan het
kind die alleen staat "is de dokter er?" Bij het antwoord
"nee" vormt de rij kinderen een kring om het alleenstaande
kind en loopt een rondje. Bij het antwoord "ja" vormt
de rij kinderen een slang en moet het kind dat alleen staat het
achterste kind proberen te tikken. De kinderen in de slang mogen
elkaar niet loslaten. De kinderen voor aan de slang moeten proberen
te verhinderen dat de tikker het achterste kind kan tikken.
Nu na nu nong
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Groepje van 4 à 5 kinderen zit op een rijtje. Eén van de kinderen
zegt een versje op en tikt daarbij de benen van de anderen aan.
Aan het eind van het versje moet het laatst aangetikte been opgetrokken
worden en doet niet meer mee bij de volgende ronde. Dit aftellen
gaat door tot één van de kinderen als eerste beide benen opgetrokken
heeft. Dit kind heeft dan gewonnen.
Tho nhuong hang
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Van een grote groep kinderen worden er groepjes van 3 gevormd. Deze
kinderen gaan in een kringetje staan. In ieder kringetje gaat een
ander kind zitten. Tevens is er nog een kind dat jager is en een
kind dat konijn is. De jager moet het konijn proberen te tikken.
Het konijn heeft de mogelijkheid om een kringetje in te gaan en
het kind wat in het kringetje zat moet hieruit en is op dat moment
jager. De jager verandert dan automatisch in konijn en moet op zijn
beurt weer op de vlucht en eventueel een kringetje ingaan. Dit gaat
door totdat er iemand getikt wordt. Indien het konijn getikt wordt,
verandert het konijn automatisch in jager en de jager wordt dan
konijn.
Bit mat bat de
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: raadspel. Benodigdheden:
blinddoeken.
Spelregels:
Groep kinderen vormen twee kringen, één binnenkring en een buitenkring.
In deze kring staan twee kinderen geblinddoekt. De kinderen in de
kringen zeggen versje op en lopen rond om de geblinddoekte kinderen.
Aan het eind van het versje stoppen de kinderen met lopen en gaan
zitten. De twee geblinddoekte kinderen lopen ieder naar een kind
en moeten, door middel van voelen, raden welk kind ze voor zich
hebben. Indien een geblinddoekt kind raadt wie er voor hem staat,
dan moet deze geblinddoekt in het midden staan. Als ze het niet
raden moeten ze wederom de blinddoek om.
Lat bong sap ngua
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: behendigheidsspel. Benodigdheden:
kaarten.
Spelregels:
Twee kinderen spelen dit spel tegen elkaar. Ieder kind legt een
kaartje op de grond met het plaatje naar boven. Het is de bedoeling
dat één kaartje met het plaatje naar beneden komt te liggen en het
andere kaartje met het plaatje naar boven er bovenop komt te liggen
(het hoeft maar een heel klein stukje over elkaar heen te liggen).
Dit alles gebeurt door middel van een ander kaartje wat ieder kind
in zijn hand heeft en waarmee ze de kaartjes op de grond, om de
beurt, wippen/draaien/schuiven. Je moet hier wel tactisch bij denken
(altijd een zet vooruit denken, denken wat de ander gaat doen).
Wanneer een speler de kaartjes op de gewenste manier heeft liggen,
mag hij de kaartjes hebben.
Nhay giay
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: springspel. Benodigdheden:
elastiek.
Spelregels:
Twee meisjes staan tegenover elkaar met het elastiek om hun benen.
Het elastiek is om te beginnen op lage hoogte. Het derde kind springt
op over en in het elastiek tijdens het opzeggen van een versje.
Indien een sprong niet goed gemaakt wordt is het af en moet zij
met het elastiek gaan staan. Iedere keer als het versje afgelopen
is en alle sprongen goed zijn gegaan, wordt het elastiek een stukje
hoger gedaan.
Trong nu trong hoa
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: springspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Hoogspringen: twee kinderen zitten tegenover elkaar op de grond
en hebben hun voeten tegen elkaar aan. De andere kinderen moeten
over de benen heen springen. Iedere ronde gaan de voeten van de
zittende meisjes hoger. Eerst zetten ze één voet op de andere, de
volgende ronde daar weer een voet bovenop totdat er vier voeten
boven op elkaar staan. De kinderen die springen mogen de voeten
niet raken. Verspringen: Twee kinderen zitten tegenover elkaar op
de grond en hebben hun voeten tegen elkaar aan. Nu gaan alleen iedere
ronde de benen wijder.
Nhay cuu
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: springspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Eén kind staat gebukt met handen op de grond. Andere kinderen springen
over dit kind heen. De kinderen die springen mogen alleen de handen
op de rug van het gebukte kind zetten. Indien ze het gebukte kind
op een andere manier raken (bijv. met de benen het hoofd of billen
raken), zijn ze af en moet dit kind als bok gaan staan.
Da cau2
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: behendigheidsspel. Benodigdheden:
bolletje met veertje.
Spelregels:
Twee of meer kinderen trappen het veertje naar elkaar over. Het
veertje mag de grond niet raken. Het veertje mag ook via de borstkas
of knie opgevangen worden en dan weer via de voet verder schieten.
Het wordt voornamelijk met de punt van de schoen gespeeld. Het is
ook alleen te spelen, door net als met een voetbal, de shuttle herhaaldelijk
omhoog te schieten en zelf weer op te vangen.
Chay choi
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: balspel. Benodigdheden:
twee ballen.
Spelregels:
Twee groepen kinderen (gelijk aantal) gaan in een rij staan. Iedere
groep wordt weer in tweeën gedeeld en gaan tegenover elkaar staan.
Van beide partijen heeft aan een kant het voorste kind een bal.
Bij het startsignaal rennen de kinderen die de bal hebben naar de
overkant en geven de bal aan het voorste kind. Zelf gaan ze dan
achter aan deze rij staan. Het kind dat de bal gekregen heeft rent
weer naar de overkant en doet precies hetzelfde. Dit gaat door tot
iedereen geweest is. Het team, waarvan als eerste alle kinderen
de bal hebben gehad en weer in oorspronkelijke volgorde staat, heeft
gewonnen
Ai nhanh ai tchu
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: balspel. Benodigdheden:
twee ballen.
Spelregels:
Groep kinderen worden in twee groepen gesplitst. Beide teams stellen
zich op in een rij. De voorste kinderen van de rijen hebben een
bal. Bij het startschot moeten de kinderen zo snel mogelijk de bal
tussen de benen door naar achteren geven. Als het achterste kind
de bal ontvangt moet dit kind met de bal tussen de benen geklemd
naar voren springen. Dan geeft dit kind weer de bal tussen de benen
door naar achter enz. Het team welke als eerste alle kinderen heeft
gehad en weer in oorspronkelijke positie staat, heeft gewonnen.
Chim so long
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Van een groep kinderen worden een aantal poortjes gevormd doormiddel
van twee kinderen tegenover elkaar te laten staan met handen tegen
elkaar. In ieder poortje gaat een kind zitten. In het midden van
het speelveld gaat een ander groepje kinderen staan die de andere
kinderen moet proberen te tikken. Indien een kind in een poortje
zit mag deze niet getikt worden. De kinderen uit de poortjes moeten
proberen van poortje te wisselen. Indien er een poortje even leeg
komt te staan mag één van de tikkers hier ook in gaan zitten. Dan
is het kind dat geen poortje meer heeft automatisch tikker.
Meo bat chuot
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: hinkelspel. Benodigdheden:
steentjes.
Spelregels:
Op de grond een hinkel-parcour maken, bestaande uit een aantal vakken
links en rechts. Twee kinderen (één links en één rechts) gooien
een steentje. Eerste beurt op vak één en daarna steeds verder. Tijdens
het hinkelen moeten ze, aangekomen bij het vak van het steentje,
het steentje met hun voet steeds één of meerdere vakken verder duwen
met hun voet. Als je links start moet je de terugweg over de rechterkant
hinkelen en andersom. Tijdens het hinkelen mag je niet de lijnen
raken.
O long danh soi
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: behendigheidsspel. Benodigdheden:
stenen.
Spelregels:
Kinderen zitten op de stoep waarop ze langwerpig naast elkaar vakken
hebben getekend, waarop steentjes steeds volgens een systeem verlegd
worden.
Bay chim
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
De kinderen in twee groepen verdelen: de ene groep vormt paartjes
van twee poortjes (in een kring), de andere kinderen moeten hier
doorheen rennen. Bij het fluitsignaal gaan de poortjes dicht (armen
naar beneden). Indien er een kind in een poortje terechtkomt, is
het af en dan moet dit kind in het midden gaan staan. Dit gat door
tot alle kinderen af zijn en dan worden de rollen omgedraaid.
Blinddoek
Werelddeel: Azië. Land: Vietnam. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
blinddoeken.
Spelregels:
Groep kinderen gaat in kring zitten. Twee kinderen worden geblinddoekt.
Eén van de geblinddoekte kinderen krijgt een fluitje en moet hier
steeds op blazen. Het andere geblinddoekte kind moet het kind met
het fluitje proberen te tikken. De kinderen in de kring mogen aanwijzingen
geven.
De slang
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Twee kinderen vormen een poortje. De rest van de kinderen vormen
een slang, door middel van elkaar in de zij vast te houden. Deze
slang loopt onder het poortje door en het poortje moet steeds sluiten
als het laatste kind onder het poortje doorloopt. Als dit lukt moet
het kind wat in het poortje gevangen is genomen, afhaken. Dit tot
er geen kinderen meer over zijn.
I kha I khong
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Twee groepen kinderen vormen (in dit geval jongens tegen de meisjes).
Iedere groep staat achter een lijn. De kinderen zeggen met z'n allen
een versje op en als het afgelopen is moet de ene groep de andere
proberen te tikken.
Mak-khoom
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: steentjes.
Spelregels:
Kinderen zitten in een kring en hebben kuiltjes in de grond gemaakt
waarin ze steentjes verplaatsen volgens een systeem..
Tuey
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Een speelveld maken door een rechthoekig stukje grond in drieën
te verdelen. Twee groepen maken (4 tegen 4). De ene groep is tikker
en mag zich verdelen over de lijnen van het speelveld. De andere
groep moet van de enen kant van het speelveld naar de andere kant
komen. De tikkers moeten constant met één lichaamsdeel de lijnen
van het speelveld blijven raken. Ze mogen zittend, liggend of hoe
dan ook zich zo lang mogelijk maken om de kinderen die zich verplaatsen
van vak naar vak te tikken. Indien er een kind getikt wordt is het
af en moet het speelveld verlaten. De kinderen die de andere kant
van het speelveld bereikt hebben moeten ook weer terug.
Lan Mai
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: hinkelspel. Benodigdheden:
muntjes.
Spelregels:
Hinkelbaan tekenen. Muntje eerst op vak 1 gooien. Het vak waar het
muntje ligt moet overgeslagen worden. Aan het eind van de hinkelbaan
draaien en terug hinkelen. Op de terugweg moet het muntje van de
grond genomen worden. Doorgaan tot alle vakken een keer geweest
zijn. Daarna met de rug naar de hinkelbaan gaan staan en het muntje
over de schouder naar achteren gooien. Indien het muntje niet in
het hinkelveld terechtkomt is het kind af en start de volgende.
Maah kip
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: 5 steentjes.
Spelregels:
Spel dat veel variaties kent.(Bikkelen) Het kan alleen of met meerdere
kinderen gespeeld worden (zittend op de grond). Kind gooit steentjes
op de grond (niet te wild). Eén steentje raapt ze op en deze omhoog
gooien, voordat je het steentje vangt moet een ander steentje van
de grond rapen. Tot je alle steentjes in je hand hebt. Een andere
mogelijkheid is om na je een steentje omhoog hebt gegooid, niet
één, maar meerdere steentjes tegelijk te pakken. Hierbij moet je
nog sneller zijn. Nog een andere mogelijkheid is alle steentjes
in je hand nemen en dan 1 steentje eruit opgooien en de anderen
neerleggen op de grond, en het omhoog gegooide steentje dan weer
vangen. De steentjes kunnen ook alle vijf tegelijkertijd omhoog
gegooid worden en op de bovenkant van de hand gevangen worden.
Mon chon pa
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
zakdoek.
Spelregels:
Groep kinderen gaat in kring zitten. Eén kind heeft een zakdoek
en loopt tijden het zingen van een liedje buiten om de kring heen.
Het kind legt op een gegeven moment de zakdoek achter een kind en
deze moet dan zo snel mogelijk de zakdoek pakken en achter het andere
kind aanrennen en proberen te tikken. Het kind dat getikt moet worden
rent weg en gaat op de plaats zitten waar ze eerst zat of op de
plaats waar de tikker heeft gezeten. Zodra je zit ben je veilig.
Indien je getikt wordt moet je nogmaals rondlopen en de zakdoek
neerleggen. Zoniet dan is de ander aan de beurt om de zakdoek te
gaan leggen.
Thob pae
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: klapspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Twee kinderen gaan tegenover elkaar staan en zingen een liedje.
Tijdens het zingen klappen ze met de handen tegen elkaar en maken
andere bewegingen. Ze moeten wel allebei de bewegingen kennen en
dit ook tegelijk doen. Dit klapspelletje heeft diverse variaties.
Tuey
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: tikspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Groep kinderen in twee partijen verdelen. Eén groep is tikker, andere
groep moet overkant van speelveld halen. Het speelveld bestaat uit
een aantal vakken. De tikkende partij verdeelt zich en deze kinderen
mogen alleen maar op de lijnen staan. De kinderen die getikt kunnen
worden rennen van vak naar vak. Als je heen en terug bent geweest
zonder getikt te worden heb je gewonnen.
Pa-ra-tii
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: hinkelspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Op de grond zijn met krijt twee vakken getekend van ongeveer 10x7
meter. Dan worden er twee groepen van 4 kinderen gekozen, waarvan
elk kind een nummer krijgt. Een groep staat aan de startlijn van
de vakken, de andere groep staat in het speelveld. Uit de groep
aan de beginlijn worden twee jongens aangewezen, die als eersten
over de lijn naar de andere kant van het speelveld hinkelen. Dan
moeten ze vanaf die kant het speelveld binnen gaan. Zij moeten al
hinkelend op een been weer terug naar de oorspronkelijke startlijn
zien te komen, maar nu mag de andere groep, die al binnen het speelveld
staat, de hinkelende jongens zien te vangen. Als ze de jongens vangen
dan moeten ze proberen het ene hinkelende been van beiden ook op
de grond zien te duwen. Dat lukt meestal wel omdat ze met een meerderheid
in het speelveld staan. Maar de hinkelende jongens mogen ook proberen
de startlijn te halen, al is het maar met een been. Lukt dat dan
mogen ze weer opnieuw het spel beginnen. Zelf spreken ze tevoren
af wat de regels zijn: hoeveel punten ze bijvoorbeeld krijgen als
de hinkelende jongens weer de startlijn halen. Haalt de hinkelende
partij het niet, dan is de andere partij aan de beurt om te hinkelen.
Ole
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: springspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
De kinderen staan in een cirkel en krijgen een nummer. Ze staan
vlak bij elkaar en bewegen hun handen naar het midden terwijl ze
Ole roepen springen ze naar achteren. Dan moet nummer een proberen
nummer twee te tikken terwijl hij in zijn/haar richting springt
en ook weer Ole roept. Als je getikt bent lig je eruit. Het spel
is afgelopen als er een speler over is.
Tee wada tsjou tsjou
Werelddeel: Azië. Land: Thailand. Categorie: kringspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Een altijd oneven aantal kinderen staat in een kring en een kind
staat in het midden. De kring gaat in de rondte draaien terwijl
ze een liedje zingen. Het kind in het midden doet haar ogen dicht
en als de kring stilstaat, dan voelt het kind in het midden bij
alle kinderen of het een jongen of meisje is en krijgen ze een nummer
een of twee, ook het meisje dat in het midden staat. Dan zijn er
twee rijen van de nummers een en de nummers twee, die tegenover
elkaar gaan staan. Dat zijn gemixte rijen met jongens en meisjes
door elkaar. De voorste van elke rij staan tegenover elkaar en een
tevoren afgesproken rij mag de andere rij uitnodigen naar voren
te komen. Alle kinderen van de afgesproken rij mogen zelf een kind
van de andere rij kiezen, hetgeen op een beleefde manier gebeurt.
Als dan alle tweetallen zijn gevormd, blijft er een kind over. Alle
tweetallen vormen dan een rij met een opgestoken arm en de andere
arm is vrij. Het ene overgebleven kind moet vervolgens onder de
armen van alle kinderen doorlopen, waarbij de hij van iedereen een
klap op zijn billen krijgt. Als dat gebeurd is dan kan het spel
opnieuw gespeeld worden.
Dingklik oglan aglik
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: springspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Meerdere kinderen (in dit geval 4) gaan in een kringetje staan.
Ieder kind buigt zijn rechterbeen. Dan met de voet van het gebogen
been je vast haken in de knieholte van het andere kind, zodat er
een kringetje ontstaat met in elkaar gedraaide benen. Dan een versje
opzeggen en al klappend rondspringen zonder elkaar los te laten.
Dit net zolang doen tot de kring uit balans raakt en van vermoeidheid
en / of meligheid op de grond valt. Het spel begint dan weer van
voren af aan.
Cublak cublak suweng
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: steentje.
Spelregels:
Vier kinderen zitten in een klein kringetje om een ander kind heen.
Het kind in het midden zit gebukt met het hoofd naar beneden. De
kinderen om haar heen hebben allemaal hun hand open op haar rug
liggen. Eén kind heeft een steentje in haar hand en zingt een versje.
Tijdens het zingen tikt ze steeds de handen die op de rug liggen
van het gebukte meisje aan met het steentje. Aan het eind van het
versje wordt de steen in één van de handen gestopt. De kinderen
sluiten allemaal snel hun handen en bewegen de handen heen en weer
zodat het moeilijk te zien is wie van hen het steentje heeft. Het
kind in het midden komt overeind en moet raden in welke hand het
steentje ligt. Als ze het raadt is het kind bij wie het steentje
verstopt zat aan de beurt om in het midden te zitten. Als ze het
niet raadt moet ze weer overnieuw gebukt gaan zitten.
Roda Kelapa
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: kokosnoot, stok.
Spelregels:
In een lege kokosnoot maak je een gat. Dan een lange stok nemen
en deze in het gat steken. Dan gaan lopen en met de lange stok de
kokosnoot vooruit rollen zonder dat deze los van de kokosnoot komt.
Mul mulan
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: blaadjes, kaartjes
Spelregels:
Eerst op de grond met krijt of strepen trekken in het zand een speelveld
maken. Het speelveld bestaat uit een rechthoekig vlak met daarom
heen weer een rechthoekig vlak en daaromheen weer een rechthoekig
vlak. Vanuit het buitenste vlak horizontaal en verticaal een streep
trekken, alleen niet door het middelste vlak. Tevens diagonaal het
vlak in vier delen verdelen zonder door het middelste vlak te gaan.
Om de beurt leggen de kinderen een voorwerp neer (in dit geval het
ene kind een blaadje en het andere een papiertje). De voorwerpen
worden op de punten gelegd waar de lijnen elkaar kruisen en proberen
drie dezelfde voorwerpen op een rij te krijgen.
Keplekan
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: dierenspel. Benodigdheden:
duiven.
Spelregels:
Twee kinderen spelen met twee duiven. De ene duif is een mannetje,
de ander een vrouwtje. De twee jongens gaan op enige afstand van
elkaar staan en de jongen met de vrouwtjesduif laat haar met haar
vleugels wapperen, hetgeen de onmiddellijke aandacht trekt van het
mannetje, waarop deze direct in haar richting vliegt. De jongen
met de mannetjesduif probeert haar op zijn duif te laten neer komen.
Deze bezigheid kan veelvuldig herhaald worden, met tussenposes voor
het drinken van de duiven.
Tapuk Daun
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: blaadjes van struik.
Spelregels:
Kinderen plukken steeds een blaadje van een struik. Ze vouwen hun
hand samen door middel van de duim en pink tegen elkaar te doen.
In de ruimte die dan in de hand ontstaat duwen ze het blaadje. Als
het blaadje goed zit slaan ze met de hand waar het blaadje in zit
op hun platte hand. Dit geeft een leuk klappend geluidje. Als het
lukt is het te zien aan de blaadjes, hier komt dan een gat in.
Kubuk
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: 20 steentjes.
Spelregels:
Eerst wordt er getost wie er mag beginnen. Dit doen ze door een
kind de steentjes te laten bedekken met haar handen en dan zonder
te kijken er twee stapeltjes van te maken. Het andere kind kiest
een hand uit en zegt hoeveel steentjes er onder die hand liggen.
Heeft ze het goed dan mag ze beginnen, zoniet begint de ander Degene
die begint gooit de steentjes voor zich op de grond. Ze maakt dan
een (denkbeeldig) lijntje met haar vinger tussen twee steentjes
die gunstig liggen en met het steentje aan de ene kant van dit lijntje
moet ze het steentje aan de andere kant van het lijntje raken door
deze er tegenaan te schieten (duwen). Als je mist is de ander aan
de beurt. Die pakt dan de overgebleven steentjes en gooit deze overnieuw
en doet vervolgens hetzelfde. Zodra alle steentjes op zijn kijken
de kinderen wie van hen de meeste heeft. Daarna begint het spel
weer opnieuw.
Kubuk Manuk
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: zaadjes (boontjes)
Spelregels:
Eén kind gooit een handje zaadjes voor zich op de grond. Het kind
dat aan de beurt is vouwt haar handen in elkaar en houdt haar wijsvingers
tegen elkaar naar voren. Ze pakt nu steeds een zaadje tussen haar
wijsvingertoppen en trekt dan haar wijsvingers naar binnen om zo
het zaadje in de holte van haar handen te laten vallen. Dit zaadje
moet hier blijven zitten en zo moet ze alle zaadjes proberen te
verzamelen. Als je er een laat vallen, is de ander aan de beurt.
Lepetan
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: geen.
Spelregels
Groepje kinderen gaan hand in hand staan. Eén kind doet haar hand
tegen de boom waardoor er een poortje ontstaat. De kinderen gaan
een liedje zingen dat luidt;
"Lepetan, lepetan
Angudari, anguculi
Danu kuning maningseti"
(lepet is en lekkernij die gemaakt is van kleefrijst en dit wordt
in een lang rond pakje van kokosbladeren gestopt en daarna gekookt).
Tijdens het zingen van het liedje lopen de kinderen (het achterste
kind eerst)door het eerste poortje heen. Als ze er allemaal onderdoor
zijn geweest, gaat de sliert kinderen onder de armen van het meisje
dat de boom vasthoudt en het meisje wat haar hand vasthoudt door.
Dit gaat zo door tot het laatste poortje. Hierna staan de kinderen
met hun armen gekruist voor hun buik en met hun gezicht de andere
kant op. Dit herhalen ze dan maar dan vanaf de kant hoe ze nu staan
totdat iedereen weer net zo staat als in het begin.
Jamur Parut Jamur Bok
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: kringspel. Benodigdheden:
geen.
Spelregels:
Een groepje kinderen maken een kringetje. Eén kind gaat in het midden
staan. De kinderen in het kringetje lopen, al zingend, een rondje
om het kind heen. Aan het eind van het liedje gaan de kinderen zitten
en moet het kind die in het midden stond de andere kinderen gaan
kietelen op een plek die de kinderen aan het eind van het liedje
aangeven (Jamur Parut = onder de voet). Zodra een kind tijdens het
kietelen gaat lachen, moet dit kind in het kringetje gaan staan
en begint het weer opnieuw.
(Jamur Bok = onder de buik, kinderen staan gebogen met handen en
voeten op de grond. Eén kind kruipt onder de poortjes door en kietelt
de kinderen op hun buik.
Blarak Blarak Sempal
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: stuk kokosnoot.
Spelregels:
Het stuk gedroogde kokosnoot wordt op de grond gelegd. Vier kinderen
vormen een kringetje rond het stuk kokosnoot en houden elkaars hand
vast. Twee van de kinderen zetten één of twee voeten op het stuk
kokosnoot (deze kinderen staan niet naast elkaar). De twee andere
kinderen trekken, al zingend, de twee kinderen rond. Dit totdat
het liedje is afgelopen, of (wat meestal gebeurt) totdat de kinderen
omvallen. Dit is een zeer inspannend spelletje, waarbij het aankomt
op samenwerking en coördinatie tussen de draaiers.
Pong Pong Bolong
Werelddeel: Azië. Land: Indonesië. Categorie: behendigheidsspel.
Benodigdheden: geen
Spelregels:
Een groepje kinderen gaat op de grond zitten. Ze zetten hun handen
op elkaar. Dit doen ze door middel van het maken van een vuist en
de duim omhoog te houden. De andere hand wordt er bovenop gezet
en houdt de duim van de hand eronder vast. Dan het volgende kind
ook weer de twee handen er bovenop enz. enz, tot er een hele toren
is ontstaan van handen. Het laatste kind houdt één hand vrij en
draait met haar vinger (tijdens het zingen van een liedje) op de
bovenste hand van de toren. Iedere keer aan het eind van het liedje
gaat er een hand, onder aan de toren plat op de grond. De toren
wordt steeds lager, tot alle handen plat op elkaar op de grond liggen.
Zodra alle handen plat liggen. legt ieder kind de handen plat voor
zich op de grond. Eén kind gaat dan tijdens het opzeggen van een
versje met haar vinger de handen van de kinderen aanraken. Iedere
keer aan het eind van het versje wordt de laatst aangeraakte hand
bij een velletje gepakt en kruislings op de schouder van het desbetreffende
kind gelegd. Dit gaat door tot alle kinderen met hun handen gekruist
voor zich zitten.
|